Ontslagmotivering en kennelijk onredelijk ontslag

- Liesje Wermoes

Sedert de inwerkingtreding van de CAO nr. 109 op datum van 1 april 2014 kunnen werknemers die werden ontslaan een verzoek indienen bij de werkgever om de redenen van hun ontslag te kennen.

Daarnaast kunnen zowel arbeiders als bedienden beroep doen op de figuur van het kennelijk onredelijk ontslag.

Ontslagmotivering

Een werkgever is nog steeds niet verplicht in de ontslagbrief zelf een opgave te doen van de redenen van het ontslag. Hij kan dit uiteraard wel steeds uit eigen beweging doen.

Door de CAO 109 is elke werknemer met meer dan 6 maanden anciƫnniteit nu wel in de mogelijkheid om binnen een bepaalde termijn na het ontslag de redenen daarvan op te vragen.

Dit aangetekend en schriftelijk verzoek dient aan de werkgever te worden gericht binnen een termijn van 2 maanden na het einde van de arbeidsovereenkomst of 6 maanden na aanvang van de opzegtermijn (met een maximum van 2 maanden na het einde van de overeenkomst).

De werkgever is vervolgens verplicht aangetekend kennis te geven van de concrete redenen van het ontslag en dit binnen een termijn van 2 maanden na het verzoek en behoudens wanneer hij meent reeds aan de ontslagmotiveringsplicht te hebben voldaan op een vroeger tijdstip.

Indien hij er niet (tijdig of op correcte wijze) in slaagt de concrete redenen op te geven, dan zal hij aan de werknemer een vergoeding van 2 weken loon moeten betalen.

Een uitzondering hierop wordt gemaakt voor wat betreft het ontslag om dringende reden, waar eigen wettelijke beschermingsmechanismen bestaan om de redenen kenbaar te maken aan de werknemer.

De CAO en de motiveringsplicht zijn ook niet toepasselijk in de volgende gevallen:

  • BeĆ«indiging van uitzend- of studentencontracten;

  • Ontslag met het oog op werkloosheid met bedrijfstoeslag of pensioen;

  • Ontslag in het kader van collectief ontslag, sluiting van de onderneming of stopzetting van de activiteit, alsook bij meervoudig ontslag in geval van herstructurering zoals voorzien op sectoraal niveau;

  • Ontslag waarbij een bijzondere procedure moet worden nageleefd, voorzien in de wet of bij CAO (zoals bijvoorbeeld het geval is bij het ontslag van werknemers die beschermd zijn in het kader van de sociale verkiezingen).

2) Kennelijk onredelijk ontslag

Verder is elk ontslag van een werknemer aangeworven voor onbepaalde duur dat gebaseerd is op redenen die geen verband houden met de geschiktheid of het gedrag van de werknemer of die niet berusten op de noodwendigheden inzake de werking van de onderneming, de instelling of de dienst en waartoe nooit beslist zou zijn door een normale en redelijke werkgever, te kwalificeren als een kennelijk onredelijk ontslag.

De forfaitaire sanctie die in dergelijk geval aan de werkgever kan worden opgelegd bestaat uit een vergoeding van minimaal 3 weken en maximaal 17 weken loon, te cumuleren met de voormelde boete van 2 weken bij gebrek aan correcte motivering.

De bewijslast inzake de kennelijke onredelijkheid ligt bij de partij die iets aanvoert in het geval de werkgever de redenen van het ontslag heeft meegedeeld, bij de werkgever indien hij de redenen van het ontslag niet meegedeeld heeft aan de werknemer en bij de werknemer wanneer hij niet verzocht heeft om de redenen die aan de basis van het ontslag liggen te kennen.


Deze samenvatting kan uiteraard de wettekst niet vervangen en bevat terzake niet alle nuances en uitzondering. Indien u vragen heeft of advies wenst, kan u ons steeds contacteren.